Algemene voorschrijft- en terugbetalingsregels

1 Vereisten voor het voorschrift

Het voorschrift moet met de hand geschreven of met de computer afgedrukt zijn (op het officiële voorschriftmodel).

Voor verdovende middelen en gelijkgestelde psychotrope geneesmiddelen : verplicht handgeschreven. De hoeveelheden en de dosissen moeten voluit geschreven worden (niet in cijfers).

1.2 Regels

  • De geneesheer moet gebruik maken van het reglementair model (met riziv - identificatienummer)
  • De naam + voornaam van de rechthebbende moeten ingevuld staan op het voorschrift
  • Het voorschrift moet eigenhandig ondertekend en gestempeld zijn (naam + voornaam + adres) door de geneesheer
  • De voorschrijfdatum moet ingevuld zijn
  • Het voorschrift moet nog geldig zijn: geldig tot einde van de 3de maand die volgt op de voorschrijfdatum vb voorschriftdatum 7/05/06 à geldig tot 31/08/06
  • GESTOLEN VOORSCHRIFTEN: moet onmiddellijk gemeld worden aan de farmaceutische inspectie
  • Structuur van het RIZIV nummer: Vb: 1.2.3456.78.901
    • 1 = soort voorschrijver ( 1= arts, 3 = tandarts)
    • 2 = code Provinciale Orde Geneesheren waar de voorschrijver is ingeschreven
    • 3456 = inschrijvingsnummer bij de Provinciale Orde
    • 78 = controlegetal van de nummering
    • 901 = kwalificatiecode van de voorschrijver
    • 100 tot 999 : specialisten
    • 001 tot 099 : algemene geneeskunde en aanvullende specialistaties
  •  

1.3 Gebruikelijke afkortingen

De volgende tabel bevat afkortingen en Latijnse termen ivm het geneesmiddel, de hoeveelheid en de dosis, die gebruikelijk zijn bij het voorschrijven.

Latijnse afkorting

Voluit

Betekenis

R/

recipe

neem (lever af)

ana of aa

ana partes

in gelijke hoeveelheden

q.s.

quantum satis

zoveel als nodig

ad

ad

tot (gewenste hoeveelheid)

f.

fac

maak, bereid

dt

dante tales

geef van deze

S/

signa, scribe

(hoeveelheid), gebruiksaanwijzing

en voorbeeld:

R/ ureum 5 %
gebufferde cetomacrogolcrème TMF ad 100 gr
DT 300 GR

S/ 2 x per dag inwrijven

2 Derdebetalersregel

De derdebetalersregel is een regeling waarbij de verzekerde patiënt slechts een deel van de totale kostprijs van het terugbetaalde geneesmiddel aan de apotheker betaalt. De rest van het bedrag betaalt de mutualiteit terug aan de apotheker. Met andere woorden: de apotheker koopt het product in (totale prijs) en ontvangt bij de aflevering enerzijds een deel van de patiënt ( = remgeld) en anderzijds een deel van de mutualiteit.

Op gebied van terugbetaling zijn er onder de verzekerden “kleine risico’s” 2 groepen : de actieven en de WIGW’s (wezen, invaliden, gehandicapten, weduwen of weduwnaars). In onderstaande tabel kan u de verschillende terugbetalingscodes vinden.

Categoriën terugbetaling

Remgeld WIGW

Remgeld actief

Cat A (= gratis)

0 %

0 %

Cat B

15 %

25 %

Cat C

50 %

50 %

Cat Cs

60 %

60%

Cat Cx

80 %

80 %

Cat D ( = niet terugbetaald)

100 %

100 %

2.1 Terugbetalingsregeling magistrale bereidingen

 

2.1.1 Lijsten

In het officieel tarief voor magistrale bereidingen van het RIZIV worden de vergoedbare producten ingedeeld in 6 lijsten:

Lijst 1: grondstoffen = de chemisch actieve bestanddelen
Lijst 2 : fytotherapeutische producten (tincturen, droge extracten,…)
Lijst 3: geregistreerde geprefabriceerde of gepretarifeerde preparaten vb. ampullen, burrowoplossing, tabletten triamcinolone, ZinkOxyde zalf,…
Lijst 4: producten vergoedbaar mits attest van de adviserend geneesheer vb. amfetamine-epilepsie; vloeibare zuurstof,…
Lijst 5: lijst van de verbandstoffen: cambric, crêpe, steriele kompressen,..
Lijst 6: excipientia en adjuvantia: hulpstoffen = beschouwd als niet-actieve stoffen vb. emulgatoren, vlugolien, oplosmiddelen water, ethanol,…

Een magistrale bereiding wordt slecht terugbetaald als ALLE ingrediënten terugbetaald zijn!!!

2.1.2 Module

De basis voor terugbetaling noemt men een MODULE.
Voor de magistrale bereiding is per galenische vorm een module opgesteld die het aantal en de maximale hoeveelheid aanduidt.
Er zijn geen limieten voor grondstoffen zonder terugbetaling.
Voor de specialiteiten is een module opgesteld per doos of per stuk.

Een voorbeeld: gelules
1 module = 10 gelules
max. terugbetaald per voorschrift = 6 modules = 60 gelules
De arts moet voorschrijven per veelvoud van 10 (en dus nooit 9 stuks of 16 of …) maar met maximaal 60 gelules per voorschrift.
Indien dus 120 gelulen nodig : 2 voorschriften van 60 gelules.

2.1.3 Maximum per module

Inwendig gebruik:
gelules: maximum 6 modules (60 gelules)
Zetpillen, oplossingen, suspensies: maximum 4 modules
Uitzondering: antibiotica : maximum 2 modules. ( 20 gelules)

Uitwendig gebruik:
crèmes, zalven, pasta's, gelen, oplossingen: maximum 2 modules.
Uitzondering: chronisch gebruik (maximum 6 modules).

2.1.4 Remgeld per module

Remgeld per module voor magistrale bereidingen: WIGW : € 0,30 - Actief: € 1,10
Een voorbeeld:
R/ 20 gelules ( = 2 modules)
Kostprijs WIGW = € 0.60
Kostprijs Actief = € 2.20

Laatste aanpassing: 21-04-2009